Toen ik nog in Nederland woonde zorgde het lezen van een pre-vakantie boek ervoor dat ik met meer spanning uitkeek naar de reis. Kafka is Praag, Sartre is Parijs en Dickens is London, om zo maar eens wat te noemen. Eenmaal aangekomen hoopte ik telkens weer dat de stad me net zoveel zou vertellen als de verhalen hadden gedaan en ik werd daarin nooit teleurgesteld, al was het soms een beetje zoeken. Als de sfeer van het boek niet genoeg resoneerde in de stad ging ik vaak zelfs op zoek naar markante gebouwen uit het boek. Dus toen ik onverwachts de kans kreeg om het Midden-Oosten verder te verkennen met een bezoek aan Beiroet in Libanon, ben ik gelijk de boekenwinkel ingedoken. Tot mijn grote genoegen vond ik daar House of Stone van de Libanees Anthony Shadid (Pulitzer prijswinnaar die begin dit jaar overleden is tijdens het uitoefenen van zijn journalistieke werk rondom de crisis in Syrië), een prachtige weergave van hoe oorlogen en conflictspanningen verweven zijn door alles, de geschiedenis, de cultuur, het landschap, de gebouwen en zelfs het familieleven. Na het lezen zag ik voornamelijk op tegen alle herinneringen aan de oorlog waarmee ik geconfronteerd ging worden in Libanon. Misschien ter verdediging werd ik zelfs een beetje cynisch. Het was tenslotte ook het zoveelste verhaal uit een conflictregio waaruit maar weer eens blijkt hoeveel er verloren is gegaan. Aangekomen in Beiroet werd mijn vrees al snel waarheid. Het eerste wat me opviel waren de vele kogelgaten in de gevels en de militairen met geweren in elke straat. Zij waren er ter anticipatie van de onrusten die elk moment konden uitbreken. Ik vond het ronduit absurd hoe iedereen ogenschijnlijk zorgeloos leek door te gaan met het dagelijkse leven, terwijl er onheil vanuit het buurland Syrië dreigde over te waaien. Ik wist niet wat ik ervan moest maken, tot ik mij The Italian Hours van Henry James herinnerde. Daarin beschrijft hij zijn impressies van Italiaanse streken, waaronder Venetië. In die stad leeft men op geleende tijd, aldus James. Men is zich bewust van de glorie die Venetië zou kunnen hebben als zij in alle eren hersteld zou worden, maar ze wordt niet gered, ze vergaat langzaam maar zeker – en dat is nog net zo waar honderd jaar later. Ondanks dat hun huizen vervallen en hun toekomst geen rooskleurig Hollywoodverhaal is, zien de Venetianen het leven anders – ze nemen het zoals het komt en ze gaan verder. Daarmee zijn ze volgens James beter af dan de meesten van ons. Dat is ook hoe de Libanezen met de conflicten in en rondom hun land omgaan. Hun schrijvers doen dat niet anders, telkens laten zij zien dat zelfs zoiets als een bloeddorstig conflict nog niet het menselijke leven kan bepalen. Keer op keer, schrijven zij boeken die een hommage zijn aan het leven, niet aan de teloorgang.
Deze column is geschreven voor en verschenen in de Boekenkrant van oktober, zie: www.boekenkrant.com.