Sharon Hagenbeek is Watching You!

Sula – Toni Morrison & Dagboek van de Dief – Jean Genet

door

Oorspronkelijk heb ik deze tekst geschreven voor een presentatie voor Literatuurwetenschappen. Erin poog ik het maatschappelijk engagement van beide boeken te bekijken. Zowel bij Sula als bij Dagboek van de Dief is de verhouding tussen geweld en liefde niet vanzelfsprekend en dus opmerkelijk. Maar er is meer. Beide verhalen nemen een eigen houding in het maatschappelijke engagement.

Bij Sula zien we de vraag of liefde enkel een positieve kracht is naar voren komen. In dit boek vermoordt Eva haar zoon Plum, omdat ze hem pijn wil besparen. Eva kan het perspectief niet verdragen haar zoon dieper te zien zakken in een heroïneverslaving, en daarom, omdat ze zoveel van hem houdt, vermoordt ze hem. Deze actie impliceert dat het mogelijk is om een andere persoon met teveel liefde te verstikken of te smoren. De liefde versterkt de impuls waardoor een moeder al het noodzakelijke zal doen om het kind te beschermen.
Maar liefde kan ook een dreigende kracht zijn: voor Eva kan er geen erger kwaad zijn dan het lijden van haar kinderen. Haar liefde bedreigt haar kinderen, het grootste kwaad is nabij.

Toni Morrison maakt hier het punt dat liefde niet alleen een kracht voor goed is. Ze beargumenteert dat het een simplistische kracht is, zonder morele voorwaarden. En zo kan het dat mensen daden kunnen verrichten op zelfzuchtige en onbaatzuchtige manieren. Het liefhebben van een ander persoon kan de grenzen van zijn of haar identiteit en persoonlijkheid bedreigen.

Eva gaf haar jeugd om haar kinderen op te voeden en ze offerde haar been op voor hetzelfde doel. Eva houdt duidelijk van Plum het meest van haar drie kinderen. Ze zou veel voor hem opofferen om te zorgen dat hij niet verder zou zakken in zijn verslaving. Meer nog, het zou haar verantwoordelijkheid zijn om voor hem te zorgen. De druk van de ouderlijke verantwoordelijkheid zou haar onafhankelijkheid aantasten, maar haar intense liefde voor Plum bedreigt zijn bestaan. Ze kan hem niet accepteren als een drugsverslaafde, omdat ze hem als haar erfgename ziet. Ze verwacht van hem dat hij haar dromen zal vervullen, maar hij slaagt daar niet in. Aan het einde is haar liefde zo sterk dat het hem letterlijk consumeerde. Misschien is er een parallel tussen haar liefde en de consumerende aard van zijn verslaving. Later, als Eva (pag. 72) uitleg geeft over de gepleegde moord, komt weer de vraag boven of zoiets sterks als de liefde wel geheel positief kan zijn. Ze lijkt te impliceren dat ze niet genoeg energie heeft om een volwassen zoon die weer een kind is geworden te verzorgen.

In Dagboek van de Dief expliceert de verteller zijn liefde voor de gewelddadige. Naar eigen zeggen is het een liefde waarop hij trots is. Hij herkent het zelfs in de lichamelijke eigenschappen van degene die hij aanbidt. Hij erotiseert misdadigers en hun daden. Dat als taaldaad is niet het enige wat de tekst performatief maakt. Jean reflecteert op zijn schrijven en daden die in deze tekst geëxpliceerd worden.

Toen ik in de Santé gevangenis met schrijven begon, was het nooit om mijn emoties opnieuw te doorleven of ze aan anderen mede te delen maar om, door expressie waartoe zij mij dwongen, een (geestelijke) orde op te bouwen die (vooral mijzelf) nog onbekend was. (P. 150)

Hij zoekt het maatschappelijk engagement binnen zichzelf. De geestelijke orde die hij zoekt is een morele orde, noodzakelijk om zijn leven te rechtvaardigen. Morele goedkeuring zorgt dat je niet alleen bent. Aan het einde vermeldt hij dat expliciet.

Voortdurend tijdens het verhaal geeft de verteller Jean direct respons op de kritiek die hij verwacht van de lezer. Hij wil niet beoordeeld worden en wel. Hij wil het accepteren en het daarmee loslaten. Een einde aan het conflict:

Dit boek wil geen kunstwerk zijn, een van de maker en van de wereld losstaand object dat zijn eenzame baan aan de hemel volgt… Het gaat er niet om een filosofie van de ellende te geven. (P.238)

Het verschil tussen de twee boeken is de acceptatie van de lezer als beoordelende instantie. Bij Sula wordt ervan uitgegaan dat de lezer reflecteert. Een punt wordt gemaakt en verder losgelaten in de handen van lezer, terwijl bij Dagboek van de Dief de lezer de kans om zelf te reflecteren ontnomen wordt, omdat het al voor hem of haar gedaan wordt. Het is de eis om het verhaal geaccepteerd te laten worden. Het verhaal eist acceptatie, het vraagt er niet om. Het verhaal geeft aan dat het de eigen beoordeling door de lezer niet accepteert, wat apart is omdat dit boek dichter bij de maatschappelijke dilemma’s wordt gelezen dan Sula.

En wat voor maatschappelijke dilemma’s? Het is een morele vraag naar liefde. Beide boeken laten zien dat liefde niet automatisch moreel goed is. De daden die Jean in Dagboek van de Dief pleegt uit liefde zijn af en toe te gruwelijk voor woorden, zoals ook het geval is bij Eva. Maatschappelijke engagement is een manier waarop de maatschappij over een onderwerp reflecteert aan de hand van een, bijvoorbeeld geschreven, kunstwerk. Toen wij bij literatuurwetenschappen leerden over maatschappelijk engagement bij Marquis De Sade’s Justine (of de tegenspoed der deugdzaamheid) werd aangegeven hoe dat werk de vraag naar een morele orde voor en achter de schermen impliciet stelt. Dagboek van de Dief expliciteert die vraag en hangt er al een oordeel aan. De grens het maatschappelijk engageren met het schrijven van een verhaal en door het verhaal zelf is twijfelachtig. Er is geen apart verhaal.

Het boek is een zoektocht naar eigen morele waarden. Dit leidt echter tot een publieke discussie. Het is niet zo raar dat Jean Genet een dankbaar onderwerp is voor filosofen. Sartre heeft een heel boek aan hem gewijd.
De vraag of de moraal particulier is, is dan ook erg interessant bij engagement. Zoals de verteller eist.
Het is niet dat een boek alleen kan leiden tot maatschappelijk engagement, maar dat deze ook maatschappelijk engageert. Zo is nu gebleken.

Boekrecensies · Filosofie · Literatuurwetenschap