Sharon Hagenbeek is Watching You!

Daniella Hefter: ‘Textuur, kleur en compositie geven meer gevoel, ruimte en tijd’

door

[Dit artikel is oorspronkelijk geschreven voor www.kunstwerkkopen.nl]

Naast het maken van haar schilderijen geeft ze les. Ze behoort nog niet tot de drie procent die van het eigen werk alleen kan leven. Nog niet, omdat ze al behoorlijk wat op haar naam heeft staan. Zo heeft ze de eerste prijs gewonnen bij de Oszi Tarlat (Herfst Collectie) van Xantusz Janos; Városi Művészeti Múzeum, Györ, in oktober 2005. Ook is haar lijst van exposities aanzienlijk. Ondanks dat het overleven is, is het niet erg voor een echte kunstenaar.

Zo als ze zelf ook al aangeeft is de drang om kunst te maken voor een echte kunstenaar toch te groot om aan zichzelf voorbij te laten gaan. Die kunstenaar zoekt wel een manier en die neemt wel de nodige risico’s.

Tot het einde van dit schooljaar geeft ze nog les op een middelbare school. Recentelijk is ze begonnen als lerares op het “Willem de Kooning” academie in Rotterdam, waar ze zelf ook les heeft gehad in Illustratie; daar geeft ze colleges en begeleidt ze beeldende projecten.

In haar werk als docente is ze weer een stap dichterbij. Lesgeven in een kunstvak is een manier om de liefde voor kunst en het belang ervan door te geven aan je leerlingen. Je kunt interesse wekken bij de leerlingen. En zelf leer je ook doordat je het op een nieuwe en betere manier uit moet leggen. Toen ze zelf begon met lesgeven liep ze al snel tegen haar eigen verwachtingen aan. Je denkt dat iedereen kan tekenen en het kan begrijpen. Dat is niet zo, althans niet zonder les. Niet iedereen kan zo een portret maken. Die oefening voor hun en voor jou is interessant en zeer leerzaam.

De leerlingen van een academie zijn meer geïnteresseerd dan de leerlingen van een middelbare school. Dit komt door de leeftijdsfase en als ze kiezen voor een vak, dan zijn ze niet noodzakelijk meer geïnteresseerd, ze zijn liever met andere dingen bezig. Hun houding is dus anders.

Op de academie is Hefter in staat om een professionelere kant van zichzelf met haar studenten te delen. Ze begrijpen haar werk beter en zijn in staat een meer professionelere mening te geven over hun eigen werk. Op een middelbare school wil je ze echt iets leren, op de academie willen ze zelf wat leren van jou. Je hoopt de horizon te verbreden, opdat het hun eigen werk groeit.

Terugkijkend op haar eigen tijd aan de academie geeft ze toe dat ze zelf geen makkelijke leerling is geweest, in haar eigen woorden was ze te eigenzinnig. Hetgeen in ieder geval niet raar is, aangezien ze uit een kunstenaarsfamilie komt. Ik kwam op school en smeet mijn map neer en was weer weg. Ik had behoefte aan tijd om te werken en de vrijheid daarvoor. Vrijheid die ze van thuis uit al gekend had. Op de academie tekende ze vooral, net als daarvoor. Ik wilde graag gezien worden, dat mijn werk serieus genomen werd bekeken werd. Dat wil ik de studenten bieden. Talent is niet genoeg. Naast heel veel werken, moet je ook geloven in je werk. Je hebt heel veel aan je medestudenten, maar de docenten hebben ook een bellangrijke rol in jouw ontwikkeling, vorderingen. Zij kunnen je stimuleren, dingen laten zien, interesseren en enthousiasmeren!

De opdrachten waren minder inspirerend dan autonoom te bedenken wat er als kunstwerk komt te staan. Ze zag niet dat wat haar docenten wel zagen. Iedere kunstenaar groeit anders, voor haar was de academie achteraf bezien niet de beste manier, ondanks dat ze er veel uit heeft gehaald.

Ze deed zelf aan de academie Illustratie. Dat was niet de richting die ik had moeten kiezen, maar de academie was beslist wel de enige weg, naar waar ik nu ben. De sfeer, de studenten, de werkplaatsen. Ik hield ervan om daar te zijn. Om vooral alleen, afgezonderd te werken in de doka, grafiekwerkplaatsen, of urenlang te praten met vrienden over kunst en over alle andere dingen die ertoe doen.

Nu ik daar weer rondloop voel ik dezelfde aantrekkingskracht naar de etspers, de fotostudio, schilderlokalen. Als je in zo een omgeving de drang niet voelt om continu nieuw werk te maken, hoor je er denk ik niet thuis.

Zo’n drie jaar na de academie is ze gaan experimenteren met haar tekenen als basis. Sinds de academie is ze zich veel meer bewust geworden van ruimte en textuur. Tekenen bleef haar voorliefde, alleen op papier was het te koud en afstandelijk. Ze ging schilderen en op een gegeven moment is ze textiel gaan verwerken in haar werk.

Ze zocht een manier om meer sfeer en gevoel in haar werk te kunnen accommoderen. Ze wilde de driedimensionaliteit in haar werk creëren en daarmee tijd en ruimte moment in het verhaal. Gevoelens en personen tonen zich in haar werk door de ruimte en de tijd die daarin hangt. Ze heeft tijd in haar werk weten vorm te geven in de ruimte met de schaduwen, vlakken en objecten, vaak interieurs.

Interieurs kregen een belangrijke plek in haar werk. De interieurs tonen de sfeer en gevoelens juist door de tijd heen. Daarmee ontstaat er tijd in haar werk door het verhaal dat plaats vindt wanneer iemand naar het doek kijkt. Dat is een persoonlijk verhaal voor de toeschouwer, dat de ruimte in haar werk als basis heeft.

Hiervoor heeft ze de nodige experimentele periodes doorgaan. Ze begon met stof te combineren, eerst met draadjes tot vlakken. Het was weg van lijnen met weinig en dan weer meer schilderen of tekenen, meer en dan weer minder textuur en textiel en draad. De verhoudingen tussen hoeveel lijnen, verf en textiel heeft voor haar het verschil tussen een tekening en een schilderij getoond. Bij een schilderij moet je de ruimte gaan vullen met vlakken. Je moet dan ook denken vanuit de vlakken. Je kunt daarbij niet zoals bij een tekening in lijnen blijven denken.

Stof is puur aanvulling. Ik vind stoffen fantastisch. Daardoor krijg je meer structuur en textuur. En inderdaad, in haar atelier staan dozen vol met lapjes stof. Maar haar werk is duidelijk geen werk gedefinieerd door textiel, alhoewel de gestikte (genaaide) lijnen wel kenmerkend zijn voor haar werk.

Het is raar als mensen zeggen dat je textielkunst maakt, want de textiel heeft een ondergeschikte rol in de schilderijen. De kleuren, de vlakken en het onderwerp worden aangevuld en gecomplementeerd. Schilderen over textiel heen levert ook zo’n duidelijk ander resultaat op.

Kleur en compositie maken verf en textiel noodzakelijk, maar niet voor de sfeer, die sfeer kan een tekening ook laten zien. Textuur, kleur en compositie geven meer gevoel, ruimte en tijd. Haar werk is daarom ook bewust ver weg van abstract. Je kunt pas abstract werken als je die vormen los kunt laten. Het gaat mij om die ruimte waarin de objecten de sfeer benadrukken en gevoelens articuleren.

Haar werken zijn intieme weergaves die mensen kunnen herkennen of erin kunnen plaatsen. Uiteindelijk is het alleen belangrijk dat mensen geraakt worden juist door die sfeer. Het gaat mij erom dat het beeld bij de kijker een verhaal wordt. Dat zij geraakt worden. Dat zij een hun ideeen en herinneringen ontdekken in mijn schilderijen. Het zijn intieme verhalen.

[Dit interview is oorspronkelijk gepubliceerd op www.kunstwerkkkopen.nl]

Interviews

 
 
 

0 reacties tot nu toe ↓

  • Er zijn nog geen reacties.

Reageer

Comment: