Geen filosofie van Nietzsche (1844-1900) is te begrijpen zonder zijn leven als context, hij is subjectief van aard. Dus over Nietzsche:
Op zijn dertiende schreef hij zijn eerste autobiografie. Hij had toen al zijn vader en zijn broertje verloren. Aan het eind van zijn leven schreef hij nog een autobiografie: Ecce Homo. Daarin omschrijft hij zichzelf als beter dan Goethe. De laatste 10 jaar van zijn leven is hij krankzinnig (vanaf 1889). Er zijn meerdere theorieën, wat niet klopt bij het ziektebeeld maar wat een populaire theorie is, is dat hij toen hij op zijn 24ste professor werd in Basel – overigens zelfs zonder een promotie of afstuderen – en naar een prostituee is geweest en hij daar vervolgens de syfilis van heeft gekregen. Het meest gelezen boek van Nietzsche is uit onderzoek gebleken niet mogelijk in de lijn van en als samenstelling van zijn totale werk. Dat is Wille zur Macht. Hij is opgegroeid in een Pruisische opvoeding van zijn zus en moeder. Hij ging studeren in Bon en Leibzig. Daar studeerde hij klassieke talen. Hij wilde componist worden. Zijn moeder was teleurgesteld dat hij niet theologie ging studeren, in de lijn van zijn vader.
Zijn grote helden zijn Schopenhauer en Wagner. Voor zijn eerste werk wilde hij een meesterproef maken van een combinatie van beide. Zijn vraag was hoe de Grieken relevant zijn voor zijn tijd. Hegel was destijds de norm, en Schopenhauer niet. Zijn eerste boek is Die Geburt der Tragödie. Daarin omschrijft hij hoe de tragedie is ontstaan, hoe deze door Socrates is weggedaan (historisch gezien onjuist) en hoe deze bij Wagner weer tot leven komt. Na dit boek werd Nietzsche wetenschappelijk doodverklaard. Hij schreef voor het verkeerde publiek: filologen geen filosofen. Stom genoeg is er geen zekere kennis over het ontstaan van de tragedie, dus is zijn verklaring net zo voor de handliggend als een ander.
Over Die Geburt der Tragödie
Een tragedie betekent een ode/zang letterlijk. In Athene werden twee keer per jaar de Dionysische Spelen (een festival) gehouden, ook wel de Dionisia genoemd. Dit was een wedstrijd tussen tragedies die vijf volledig gevulde dagen duurden. Een tragedie bestond uit twaalf tot vijftien man koor en twee of drie toneelspelers met maskers voor de ongeveer acht personages. De toneelspelers werden ook wel hypocrytes genoemd (denk hierbij aan Plato). Het was een soort Carnaval. Onze kennis over dit festival is er alleen door overleving, alles over de rituelen eromheen is verloren.
Zoals eerder aangegeven het ontstaan van de tragedie is nog steeds onbekend. Nietzsche probeert daar helderheid in te krijgen. De grote vondst van Nietzsche is de oppositie van Apollo & Dionysus. Hij waardeert de meer allegorische manier van de Grieken. Daarmee wek je namelijk niet de suggestie dat er vaste begrippen bestaan waarmee je de werkelijkheid kan duiden. Apollo staat voor de droom, voor vormvast en visueel. Dionysus staat voor de roes, is wilder en staat voor het gehoor.
In zijn boek stelt hij ze voor in hoofdstuk 1 en 2. Vervolgens bekijkt hij in hoofdstuk 3 en 4 Apollo, en in hoofdstuk 5 en 6 Dionysus. Daarna brengt hij ze in hoofdstuk 7 en 8 bij elkaar in het ontstaan van de tragedie. In hoofdstuk 9 en 10 omschrijft hij de hoogtij dagen. En in hoofdstuk 11 tot en met 15 geeft hij een weergave van hoe Socrates de tragedie om zeep heeft geholpen. In de laatste hoofdstukken geeft hij aan hoe Wagner verantwoordelijk is voor de wedergeboorte. Opmerkelijk genoeg is bij deze wedergeboorte een Socratisch moment te vinden.
Nietzsche beschouwd het met Apollinische Kunst is het nog niet compleet, je hebt het Dionysische nodig. Dan gaat hij kijken naar de dichter Archyloches, hoe deze anders is dan Homeros. Hij komt tot de conclusie dat Archyloches wel zingt. De kunstenaar is het medium van inspiratie. Schieler wordt gebruikt als voorbeeld die stelde dat hij de melodieën hoorden in zijn hoofd alvorens hij de gedichten opschreef. Let hierbij op hoe de muziek de voortalige positie inneemt.
Over Nietzsche en Plato
In de tragedie maakt één van de leden van het koor zich los en deze krijgt vervolgens visioenen van de goden zoals bij Gospel muziek. Dit lid spreekt via ideale harmonische manier. Een schilderij is volgens Nietzsche Apollinische kunst. De Grieken werden gezien als een naïef en vrolijk natuur volk, maar volgens Nietzsche is dat niet zo, als voorbeeld gebruikt hij de mythe van Sylenas. De Apollinische kunst maakt ellende dragelijk. Bij de Grieken is er sprake van een verheven wereld met de Goden. Onder de rand van het schilderij is nog een niveau: het Dionysische, de muziek. De Tragedie brengt Apollinische en Dionysische samen. Zie tabel:
| Plato | Nietsche | |
| Ideeënwereld | Apollinische: Schein des Scheins | |
| Alledaagse wereld | Imitatie van de ideale wereld | Schein |
| Kunst | Imitatie van de imitatie | Dionysische |
De Dionysische expres staat onderaan, want hij vindt zichzelf een omgekeerde Platonist. Nietzsche stelt dat het ideale niveau is het meest verwijderd van hoe het echt is, dat is het Dionysische niveau. Plato wil van het alledaagse omhoog, terwijl bij Nietzsche de tragedie de bemiddeling tussen het Apollinische en Dionysische is.
De verschillen tussen Plato en Nietzsche
Plato is geïnteresseerd in politieke filosofie en niet in de kunst. Nietzsche is geïnteresseerd in de cultuur maar niet een staat. De plaats van kunst is dus ook anders. Voor Plato heeft de kunst weinig tot geen belang. Bij Nietzsche komen we met de kunst tot de ervaring van onze zijnsgrond. Zo kunnen we tragische levensgevoel terugkrijgen wat alle categorieën van de werkelijkheid bevat.
Die Geburt der Tragödie leidt tot… Also Sprach Zarathustra
Euripides brengt meer een mens van Schein op het toneel. Geen oorzaak en gevolg, alleen schuld en boete. Daarin te veel rationaliteit en alledaagse. Nietzsche gebruikt kritiek op Socrates om kritiek te geven op eigen tijd. Het Socratisme van zijn tijd is dezelfde soort wetenschap die ontwaarding van het leven met zich meebrengt. De Übermensch leeft uitbundig.
Waarom hij met literatuur gaat werken (Also Sprach Zarathustra): hij is teleurgesteld in Wagner vanwege zijn Parsfall en zijn anti-semitisme. Toen had hij niemand meer die zijn programma kon uitvoeren. Dus toen deed hij het zelf maar. Als componist was hij niet goed genoeg, zodoende is hij veroordeelt tot de literatuur, een zingende literatuur. Also Sprach Zarathustra is een antichristelijk boek met een soort programma voor het leven, maar toch niet. Zarathustra is de tegen-Jezus. Hij heeft het als een symfonie gecomponeerd. Er staan veel verwijzingen in naar niet-Westerse filosofie. Het is een literaire schepping. Hij wilde dat het een tragedie werd. Er komen veel metaforische personen in voor ook Wagner als tovenaar.
Literatuur is niet goed genoeg
Een door Nietzsche gebruikt voorbeeld (hoofdstuk uit Also Sprach Zarathustra): Von den Dichtern, de zinnen zijn daarin omgekeerd van Goethe (Faust) verwerkt. In dit stuk creëert de dichter de schijnwereld, de Goden zijn niet echt. De zee wordt gebruikt als metafoor voor de lijn tussen Schein en het Dionysische. De dichters gaan niet diep genoeg, ze hebben niet dat voortalige wat muziek wel heeft. Nietzsche vond de literatuur op zichzelf niet het Dionysische bereiken, het moest iets zingends hebben.
Voorbeelden van wat hij wel goede boeken vond
Johan Peter Eckermann: Gesprechen mit Goethe. Goethe vond hij het dichtst bij de Übermensch komen. Het was een evenwichtig persoon op een niet oppervlakkige manier. Goethe zelf was een gemankeerde schilder. Goethe had alles wat Nietzsche niet had: een carrière, geld en seks.
Nietzsche had zelf ook een huisvriend Köselitz, die hij Peter Gast noemde. En als iemand als Nietzsche je anders noemt dan je eigenlijk heet dan is het pech voor jou. Deze heeft ervoor gezorgd dat Nietzsche werk uit te geven was en dat het uitgegeven werd.
Een ander goede auteur vond hij Stifter: der Nachsommer. Heel esthetisch boek, veel natuuromschrijvingen en zo saai dat het bijna (let op: bijna) fascinerend is. Deze heeft uiteindelijk zelfmoord gepleegd (zou ik ook doen na het schrijven van zo’n boek), maar kenmerkend is dat hij de schone schijn ook zo in het boek aan de dag legt, er is enkel een dreigende ondertoon. Zo’n dik boek vol met natuur, een fabriek die gebouwd wordt is dan heel erg en die dreigende ondertoon.
Dostojevski leerde hij kennen in 1878 en vond hem geweldig. In zijn aantekeningen of een boek omschrijft hij het leren kennen van een broer. Hij heeft van hem gelezen de bezetene, aantekeningen uit het ondergrondse, aantekeningen uit het dodenhuis en de landvrouw.
Tips
- Alexander Nehamas: Nietzsche: live as literature
- Thomas Mahn: Dokter Faustus, over een personage dat Nietzsche is en tevens een componist is.
- Film: Dood in Venetië, misschien in andere taal die titel.
- Bibliografie: Der Ängstliche Adler

0 reacties tot nu toe ↓
Er zijn nog geen reacties.
Reageer