Sharon Hagenbeek is Watching You!

De Nederlandse Patatzak wil niet op de bank zitten

door

Een van de meest pregnante ervaringen tijdens het lezen van “Mijn vrouw heet Petra” is dat het heel realistisch en humoristisch laat zien hoe een obsessie ontstaat. Tergend toont Van der Beek de lijdensweg die het burgerlijk leven is. Het is dan ook heel natuurlijk beschreven hoe dat leven leidt tot de midlife-crisis van het hoofdpersonage Peter.

Petra, de vrouw Peter eens definieerde, zijn kleding uitkoos en hem ervoer als een irritatie, verlaat hem voor een ander. Peter is gedwongen een klein en brak appartement te betrekken, alleen. Hij leeft een leeg leven. De patatzak is verloren, snakt naar een redding en geeft zich volledig over aan zijn midlife-crisis. Interessant is dat die midlife-crisis een opening biedt voor een obsessie voor Chantal Janzen, die langzaam naar binnen sluipt. Zonder dat er een woord aan het gemis vuil wordt gemaakt gaat Peter met zijn obsessie door met ‘normaal leven’. De obsessie wordt de vervanging van het gemis van significante invulling van het eigen leven. Janzen wordt voor het hoofdpersonage het symbool voor de eeuwige roem. Die eeuwige roem zal wel het geluk brengen. Zijn verlangen groeit stilletjes, zonder dat het iemand opvalt.

Dit boek is niet als eerste in zijn soort geschreven, het genre is niet nieuw. Nick Hornby was de eerste die de mannelijke variant van de chick-lit – de zogeheten lad-lit – aan zijn lezers gaf. Waar de chick-lit het vrouwelijk gedrag bevestigt en een tipje van de sluier oplicht, kwam de verlichting juist niet voor de mannelijke lezers, nee: chick-lit bestaat uit boeken die voornamelijk vrouwelijke lezers trekken. En lad-lits werden vanaf Hornby ook het meest gelezen door vrouwen. In dat genre zagen de mannelijke lezers dat er verklaringen worden gegeven van gedrag waar ze niet als één man achter willen staan en eigenlijk lezen vrouwen het meer als een echte uitleg van het typisch mannelijk denken en het daaruit voortvloeiend gedrag. Een voorbeeld hiervan is Hornby’s _High Fidelity_. Daarin wordt een bijzonder verhuld romantisch denken van de mannelijke hoofdpersoon weergegeven – uiteindelijk zouden echte mannen ook echte liefde nastreven. Het boek werd uitermate aantrekkelijk voor vrouwelijke lezers die de echte man beter wilden begrijpen en idealiseren als hun prins op het witte paard.

In tegenstelling tot de chick-lit, is het voor de lad-lit dus wel een probleem dat het teveel het vrouwelijke publiek zou aanspreken. Als de chick-lit toch voor vrouwen was, waarom zou de lad-lit dan niet voor mannen bedoeld zijn? Dat was het probleem voor Hornby en Van der Beek lijkt zich daar juist van ontdaan te hebben. De herkenning waarvoor dit boek de mogelijkheid geeft, krijgt een warm onthaal onder veel mannen. Zo sprak Esquire – het mannelijke stijltijdschrift – lovend over “Mijn vrouw heet Petra” en bejubelde het Van Beek voor zijn goede daad: hij heeft eerlijk uitgeschreven hoe mannen denken over borsten en sproetjes. Hoe mannen echt daarover denken, zal vrouwen nog wel kunnen interesseren. Het boek waarschuwt vrouwen al op de achterzijde over het ontdoen van de magie van het vage beeld dat zij hebben van mannen. Vrouwen worden weggejaagd door dit boek. Het is niet een leuke uitleg over hoe mannen werken, het is hardcore mannelijke verloedering. En dat is inderdaad ook terug te lezen in passages als:

“Voel me goed. Kijk zo’n scheiding is nooit echt leuk natuurlijk en er zaten best momenten tussen die minder waren [...] en financieel valt het vies tegen, laat ik daar niet over liegen, maar Petra zette inderdaad de vaart er in en al vrij snel werd ik ‘s ochtends wakker en dacht: netjes. Ik krijg daar wel gezeik over. Ik verstop zogenaamd mijn gevoelens – een ex-kennis las wel eens een boek – maar zelf noem ik dat een sterk ontwikkeld gevoel voor relativering.”

In vergelijking tot Hornby doet Van der Beek dus wel iets nieuws: hij stemt zijn boek af op de Nederlandse man als lezer en als personage – de Nederlandse patatzak. Het gaat Van Beek, anders dan Hornby, niet meer om de jeugdige man die nog richting moet geven aan zijn leven, het gaat hem om de Nederlandse patatzak die met de – te gaar – gebakken peren zit.

Maar zal de Nederlandse patatzak ook zijn lezer zijn? Waarschijnlijk niet, als je jezelf herkent in het hoofdpersonage kun je niet blij zijn met jezelf – de galspuwerij en het obsessieve gedrag dat Peter op de been houdt is niet te negeren. Maar het boek is wel leuker voor mannen dan voor vrouwen. De stoere kerel die Esquire leest zal het boek geweldig vinden en die ziet het cynisme als een warm bad – het is het gedrag van ‘echte mannen’. En inderdaad wordt je als lezer met simpele en grappige opmerkingen en de botte mening van Peter snel door het verhaal heen getrokken. De vraag is meer of je er – als vrouw – op zit te wachten: misschien wil je die kansloze en cynische mannen niet zo goed begrijpen…

Boekrecensies

 
 
 

0 reacties tot nu toe ↓

  • Er zijn nog geen reacties.

Reageer

Comment: